Enduro, skiliften en bergkammen.

Vanuit een besneeuwd berghutje op 1700 meter hoogte kijk ik terug op een prachtige motorreis langs skiliften en bergkammen in Frankrijk en Italië. Het idee voor deze reis ontstond vorig jaar toen we vanuit een skilift omlaag keken en overal prachtige onverharde paden onder de liften zagen lopen. Deze paden worden gebruikt voor het onderhoud van de liften en moeten zomer en winter open blijven voor eventuele calamiteiten. 

 
Na wat puzzelwerk in Google maps en Garmin Mapsource hebben we een mooie route gemaakt. In de route combineren we twee ski gebieden, met drie hoge bergkammen, waar nog oude onverharde militaire grenswegen liggen. Deze keer dus geen bergpassen, maar bergkammen. Bergkammen herken je het beste aan een aaneengesloten reeks van hoogste punten van een bergketen, waarbij de tussenliggende hoogteverschillen zo klein mogelijk zijn. Voor de militairen was dit vroeger vooral belangrijk om troepen en materieel snel te kunnen verplaatsen. Voor ons is het vooral erg mooi vanwege de prachtige uitzichten over de mooie valleien. Het rijden over deze bergkammen is enigszins te vergelijken met golfsurfen, waarbij je ook zoveel mogelijk op de toppen van de golven probeert te blijven. Nog nooit was surfen zo leuk...
 
 
Het mooie van onze route is dat de ruim 350 km onverharde paden ook prima te doen zijn met de wat zwaardere allroads, zoals onze BMW R1200GS. Af en toe gaan de bilspieren wel even bij elkaar, maar dat maakt de reis ook een uitdaging. Volgens de enduro almanak van Densel is het zwaarste stuk van de route categorie 4, maar de meeste stukken behoren tot categorie 3 en dat is met het prachtige weer wat wordt verwacht geen enkel probleem.
 
 
Met Led Zeppelin, Deep Purple, Queen en de rest van de radio top 2000 op mijn SD kaart, rijden we naar het zuiden over de mooiste verharde bergpassen van de west Alpen. Met drie verschillende BMW GS'en (Adventure-LC, R1200-LC en de lucht gekoeld R1200GS) rijden we over o.a.  de Col L'iseran naar Briancon. Vandaar gaat het verder over de Col de L'izoard en Col de Vars  naar het Italiaanse Piemonte. Na deze heerlijke voorpret begint in Piemonte voor ons het echte werk en starten we met onze onverharde route.

 

We verlagen de bandenspanning en zetten de vering zo slap mogelijk. Bij de nieuwe LC machines hebben we de luxe van elektronische ESA vering met enduro stand, waardoor een druk op de knop voldoende is. De eerste 60 km gaan over de Assietta bergkam, die, net zoals vele andere onverharde wegen hier, in het weekend gesloten is voor gemotoriseerd verkeer. De klim vanuit vallei de Susa naar boven is een mooi grindpad en de Beamers blijven ook bij wat los grind en zand zonder problemen in hun spoor. Het hoogste punt van de Assietta route is 2472 meter met prachtige uitzichten over de Grand Alps. Van hieruit is bij helder weer ook de bekende Col de Sommeiller (3350 mtr) te zien, die bij veel motorrijders bekend is van de Stella Alpina Rally. Dankzij deze rally, die eigenlijk geen rally is maar een internationaal motortreffen, heb ik het enduro rijden in de Alpen eigenlijk ontdekt. Dit jaar was alweer de 50e Stella Alpina waardoor deze de boeken in gaat als een van de langstlopende motorevenementen in Europa. Net even voor het einde van de Assietta bergkam passeren we de afslag naar de ruines van het oude militaire fort Gran Serin. Bij dit fort staat een herdenkings obelisk voor de gesneuvelde militairen uit de Oostenrijkse Successie oorlog in 1747. Maar liefst 5000 militairen sneuvelden toen binnen slechts 5 uren tijdens de bestorming van het fort. Historische momenten die we nooit mogen vergeten, dus even een momentje van bezinning. Na het fort en de obelisk rest ons alleen nog een korte afdaling door het Grand Bosco Salbertrand park, waarna we koers zetten naar ons eerste skigebied Risoul.
 
       
 
Risoul is een relatief klein skigebied net onder Guillestre, maar is verbonden met de toppen van het  grote Forêt Blanche skigebied. Totaal vinden we hier maar liefst 180 km skipistes welke te bereiken zijn met 55 skiliften. Elke skilift heeft zijn eigen onderhoudsweg en een aantal van deze wegen zijn dus het hele jaar publiekelijk toegankelijk. Doordat de wegen allemaal onverhard zijn is er nauwelijks verkeer, maar voor allroad en offroad motorfietsen is het een waar paradijs. Wel is het even oppassen bij liften die ook in de zomer open zijn, omdat je daar regelmatig wandelaars en mountainbikers tegen komt. Op onze zwaardere GS'en doen we het sowieso rustig aan, waardoor de verstandhouding met deze medegebruikers niet in gevaar komt. We rijden van de ene naar de andere lift, op hoogtes variërend van 1650 tot 2250 meter en rijden tegelijkertijd over 2 mooie onverharde bergpassen: de Col Valbelle en Col de Coche. Aan de oostzijde van Risoul zien we tijdens de hele route het kunstmatige stuwmeer "Lac de Serre-Ponçon" in de afgrond liggen. Het meer is met een oppervlakte van 28 km² een van de grootste stuwmeren van Europa en voor ons een mooi referentiepunt als de Garmin de wegen even niet meer kan vinden.
 
Na de skiliften bij Risoul nemen  we weer een onverharde bergkam richting Parpaillon, waar een oude militaire tunnel vroeger de Ubaye valley verbond met Embrun. De 27 km lange bergkam loopt met 2780 meter hoogte ver boven de boomgrens en heeft een gemiddelde stijging van meer dan 6%. Regelmatig gaan we op de steilere stukken dan ook graag terug naar de eerste versnelling. De tunnel Parpaillon is met 2637 meter de hoogste onverharde tunnel van Europa en is begin van de 19e eeuw door de Franse militairen aangelegd. Tot de aanleg van de tunnel wisselde de grens tussen Italië en Frankrijk hier bijna elk jaar. Afhankelijk van de sneeuwval aan de oost- of westzijde, was het óf Italie óf Frankrijk die de nieuwe heerser werd over deze bergkam. Een sneeuwvrije helling in de lente gaf namelijk zoveel voordeel met de bevoorrading en de gevechten, dat de andere kant geen schijn van kans maakte. Na de bouw van de Parpaillon tunnel waren de Fransen elke lente als eerste op de top aanwezig en is de bergkam permanent Frans grondgebied gebleven. De tunnel is slechts 500 meter lang en is zelfs hartje zomer vaak nog gevuld met sneeuw en ijs, waardoor het de bijnaam "de ijstunnel" heeft gekregen. Stapvoets en met veel lef kan je door de tunnel glijden richting het westen, naar fort Tournoux. Wegens tijdgebrek kiezen wij echter voor de veilige weg en rijden de prachtige 27 km terug naar Embrun.
 
Onze volgende skilift route gaat door het skigebied Les Orres, tussen Crevoux en Embrun. Dit gebied is volgens skiërs veel mooier dan Risoul, maar voor motorrijders heeft het helaas minder te bieden.  De meeste onderhoudswegen van de 23 skiliften zijn in de zomer namelijk niet voor normaal verkeer toegankelijk. Door alle afsluitingen komen we niet hoger dan 1800 meter en komen in dit bosrijke gebied dan ook niet boven de boomgrens uit. De route door de bossen is echter wel prachtig en af en toe zien we tussen de bomen een stukje van een skilift, zodat we weten dat we op de juiste route zitten. Uiteindelijk is het gravelpad omlaag naar Embrun voor ons de mooiste verassing. Volgens Google maps en Garmin Mapsource zou deze weg namelijk niet bestaan. Op satellietafbeeldingen van Google hadden we echter wel een streepje gravel zien liggen en die als reserve track in de Garmin navigatie geplaatst. Deze satellietafbeeldingen zijn sowieso een aanrader om bijvoorbeeld ook de startplek van een skiliftweg te vinden. Vaak beginnen deze wegen namelijk honderden meters verwijderd van de feitelijk skilift. De startplek van de skilift weg herken je dan vaak aan een verzamelplek voor sneeuwschuivers en hulpvoertuigen.
 
Voor het laatste deel van onze route steken we via een geasfalteerde bergpas de grens over naar Italie, de prachtige Agnel pas. In de Motoplus heeft de Agnel pas al ooit een eervolle vermelding gekregen als de 3e hoogste pas van de Alpen (2744 mtr), maar wat zeker vermeld mag worden zijn de prachtige uitzichten op de top.  Ook is het leuk om te weten dat al ver voor onze jaartelling hier de legendarische militair Hannibal met olifanten over dezelfde pas is geklommen, tijdens de zogenaamde 2e Punische Oorlog. Nu is het een pas die voornamelijk door toeristen wordt gebruikt en met een prachtige blauwe hemel en mooie witte laaghangende wolken kijk je eindeloos ver weg, over zowel Frankrijk als Italië. Een absolute aanrader voor bergpas liefhebbers.
 
30 km na de Agnel pas gaat de bandenspanning weer omlaag. We beginnen aan de in Europa meest bekende onverharde twee bergkammen: de Varaita-Maira en de Maira-Stura bergkam. Als eerste rijden we de Varaita-Maira bergkam vanuit de vlakke Po vallei richting Pelvo d'Elva. De weg begint direct met een steile klim naar 2300 meter, waarna we 42 km lang op bijna gelijke hoogte blijven. De weg is al in 1744 door Italiaanse militairen aangelegd tijdens de oorlog met Oostenrijk en is doordat Napoleon de route heeft hergebruikt, een van de bekendste militaire grenswegen.  Het eerste deel door de bossen gaat redelijk eenvoudig, maar zodra we boven de bomengrens komen -waar recent los grind is gestort- schuiven we letterlijk alle kanten op. Onze voorwielen zakken bijna tot de velgen in het grind en alleen door het volle gewicht naar achteren te verplaatsen kunnen we nog een beetje vooruit komen. Gelukkig is het "slechts" 5km los grind! Hierna kunnen we weer ontspannen en extra genieten van dit mooie avontuur. Deze onverwachte omstandigheden maken Enduro rijden hier juist zo leuk en maken de verhalen 's avonds aan het kampvuur extra aantrekkelijk.
   
 
Na een lekkere lunch op de top van de verharde Col Sampeyre op 2284 meter hoogte, vervolgen we de route met 25 km onverharde weg over de Maira-Stura bergkam. Deze route gaat voor een groot deel strak langs steile rotswanden met direct daarnaast diepe ravijnen. De weg is echter perfect te berijden en de uitzichten zijn werkelijk adembenemend mooi. Na elke scherpe bocht kijken we weer in een andere vallei: Prachtig! Op het einde van de route komen we bij een voormalig militair stadje waar tientallen vervallen militairen barakken op instorten staan. Er is helemaal niemand en alle deuren en ramen zijn in de loop der jaren vergaan, waardoor het een echt spookstadje is geworden. Als we s tapvoets door de volledig verlaten straten rijden, ontdekken we een oude militaire begraafplaats met honderden graven. We stoppen even en beseffen wederom dat we zeker in deze onrustige tijden dankbaar mogen zijn dat de Europese oorlogen verleden tijd zijn. Zoals de Engelse zo mooi zeggen: "United we are strong".
 
Het rijden van bergkammen in de Alpen wordt door enduro rijders al lange tijd gedaan, maar de combinatie met de zogenaamde skilift wegen is echt een aanrader. Het beste van twee werelden.
 
 
INFO ROUTE
De door ons gereden route bevindt zicht in de west Alpen op de grens van Frankrijk en Italië. Wanneer je kiest om met de motor naar het startpunt in Frankrijk te rijden, dan kan je in twee dagen de mooiste bergpassen van de Alpen als aanrij-route rijden. Je begint met de Grand St Bernard, dan via Aosta naar de San Carlo pass, de Petit St Bernard, Col L'iseran, Mont Cenis, Col D'izoard en als afsluiting de Col Vars. Na al dat moois moet de enduro route nog beginnen. Door de combinatie van skilift wegen en bergkam wegen, kan je bijna constant op onverharde wegen blijven rijden met slechts af en toe een kort verbindingsstukje over asfalt. De onverharde wegen die wij hebben gereden zijn met droog weer prima te berijden met wat zwaardere allroads. Natuurlijk kom je wel af en toe wat leuke uitdagingen tegen, maar met rust en beleid is het perfect te doen.  Met nat weer is de route ook prima te doen, maar dan zijn noppenbanden wel echt aan te raden. 

Ligging: Zuid oost Frankrijk

Afstand vanaf Utrecht: 1150 km 

Lengte route: onverhard 350 km, verhard 200 km

Hoogste punt: verhard L'iseran  2770 mtr, onverhard Parpaillon 2780 mtr,  gemiddeld 2300 mtr.

Wanneer: Zodra de sneeuw op de wegen is verdwenen kan je de route rijden. Aangezien je regelmatig op hoogte rijd is de kans op een sneeuwvrije route het grootst vanaf begin juli tot eind september.

Overnachting: Wij kozen als basiskamp een camping in Guillestre.

Wetenswaardigheden: Veel onverharde wegen zijn in dit gebied in het weekend gesloten, dus houd daar rekening mee. De bergkammen in onze route zijn allemaal openbare wegen, de skilift wegen zijn meestal niet openbaar maar de door ons bereden wegen zijn wel allemaal vrij toegankelijk.  In hoeverre een verzekering rijden op niet openbare weg dekt, zul je vooraf even moeten informeren.

Filmpjes: Klik hier.
Uw reactie: Klik hier.